Advies & uitleg

Houtkachel en fijnstof: wat zegt de LKI?

Houtrook kan lokaal veel fijnstof geven. De LKI helpt bij timing, maar lokale rook bij de buren zie je niet altijd in een stationmeting.

Houtrook is een lastig ventilatieprobleem omdat het heel lokaal kan zijn. Een RIVM-station kan een redelijke LKI tonen, terwijl je in je straat duidelijk rook ruikt door een houtkachel, vuurkorf of slecht trekkende schoorsteen. Andersom kan een station verhoogd fijnstof meten terwijl jouw woning door windrichting minder hinder ervaart. De LKI is dus een startpunt, geen garantie voor de lucht aan je gevel.

Op VentiLens zie je bij stationpagina’s zoals Zaanstad, Moerdijk en Haarlemmermeer de actuele score en meetwaarden. Let vooral op PM2.5, omdat houtrook veel kleine deeltjes kan bevatten. Staat PM2.5 hoog en ruik je buiten rook, dan is langdurig ventileren meestal geen goed idee.

Waarom houtrook zo lokaal is

Rook verspreidt zich met wind, temperatuur en bebouwing. Op koude, windstille avonden kan rook blijven hangen tussen huizen. Bij inversie, een stabiele luchtlaag, mengt vervuiling slecht en kan fijnstof oplopen. Een straat met meerdere kachels kan daardoor sterker belast zijn dan een meetstation enkele kilometers verderop.

Daarom telt je neus mee. Rooklucht is geen meetinstrument, maar wel een concreet signaal om ramen aan die zijde te sluiten. Lucht eventueel kort aan de andere kant van de woning, of wacht tot de rook is verdwenen.

Wat de LKI wel en niet zegt

De LKI vat buitenluchtkwaliteit samen in een score van 1 tot en met 11. Bij lage scores is buitenlucht meestal geschikt om binnenlucht te verversen. Bij hoge scores is buitenlucht ongunstig en ligt kort ventileren voor de hand. Bij houtrook blijft de lokale check belangrijk: een goede score sluit een rookpluim naast je huis niet uit.

Kijk ook naar het tijdstip. Houtrook komt vaker voor in de avond en in koude periodes. Slaapkamers kun je dan beter eerder op de dag luchten, zolang de buitenlucht beter is. Zet ramen niet uren open als rooklucht binnenkomt; de geur kan in textiel blijven hangen en fijnstof kan binnenshuis langzaam dalen.

Binnen beperken

Voorkom extra fijnstofbronnen binnen wanneer buiten al belast is. Bakken, kaarsen en wierook kunnen PM2.5 verhogen. Gebruik afzuiging bij koken en ventileer kort zodra de buitenlucht verbetert. Een luchtreiniger met geschikt fijnstoffilter kan deeltjes binnen verlagen, maar voert geen CO2 of vocht af. Ventilatie blijft nodig zodra buitenlucht weer gunstig is.

Bij terugkerende rookoverlast helpt een vaste routine. Check eerst de stationpagina, ruik daarna kort aan de ventilatiezijde en kijk of binnen CO2 oploopt. Als binnenlucht verversing nodig heeft maar rook buiten hangt, kies dan een paar minuten spuien aan de schoonste zijde in plaats van een raam langdurig op kierstand.

Stationpagina's